Marcel blogt over duurzame gebouwtjes

Marcel van Mierlo heeft een passie voor kleine, duurzame en innovatieve gebouwen. Hij schrijft er enthousiast over op zijn blogpagina Leven in Tuinen en in het vakblad BouwTotaal. Gewoon vindt hij maar niks. ,,Ik ben nooit van het broodje bij de bakker geweest. Ik heb altijd al iets gehad met dingen die iets speciaals hebben’’, vertelt de bouwkundig ingenieur, die nu zijn tweede boek over de meest uiteenlopende gebouwtjes presenteert.

Dertig jaar lang werkt Marcel van Mierlo in het management bij grote bouwbedrijven. Werk dat hem begin jaren tien steeds meer tegen gaat staan. ,,Het werk wordt steeds platter. Het gaat alleen nog om rapporten en cijfertjes. Mijn creativiteit kwam daardoor steeds meer in het gedrang en eigenlijk vond ik alles wat klein was in de bouw veel leuker. Wat mij ook altijd opvalt in de bouw is dat er qua innovatie zo enorm weinig gebeurt. Het is zo’n conservatieve wereld. Er wordt meestal voor de veilige oplossing gekozen, zodat er vooral ook wat verdiend kan worden. Dus wordt er weer een groot traditioneel project de grond uitgestampt, terwijl juist klein, duurzaam en innovatief mijn interesse heeft. Geef iemand een klein stukje grond en wat materialen en er komen fantastische projecten uit. Alles wat klein is is veel leuker. Daarom ben ik eruit gestapt en in 2013 voor mijzelf begonnen met een eigen kennisplatform voor iedereen die geïnteresseerd is in kleine gebouwtjes’’, vertelt Marcel.

Zijn platform geeft Marcel de naam Leven in Tuinen. ,,Het is begonnen met gebouwtjes die je ook in je achtertuin kunt zetten. Het is het kleinste en goedkoopste stukje grond waar je in de stad iets mee kunt. Je kan er je kinderen langer thuis laten wonen in een gebouwtje, maar ook mantelzorgwoningen werden toen steeds populairder. Ook kwamen er steeds meer zzp-ers, die een eigen werkruimte in de tuin wilden bouwen. Er was in die tijd nog niks op het gebied van klein wonen. Tiny house was meer een naam van een aparte beweging in Amerika waar de meesten sceptisch naar keken. Dat vooroordeel is er nu wel vanaf, maar toen was het echt heel concreet leven in je achtertuin voor mij. Nu zie ik dat natuurlijk veel ruimer, want wat is er sindsdien veel gebeurd op het gebied van compact bouwen!’’

Ruim vier jaar lang schrijft Marcel iedere twee weken op zijn blogpagina Leven in Tuinen een artikel over een klein gebouwtje. Al bijna even lang levert hij een redactionele bijdrage over dit onderwerp aan BouwTotaal, een vakblad voor het midden- en kleinbedrijf in de bouw. ,,Zij zien ook de ontwikkelingen in het kleiner bouwen en zijn erg blij met mijn artikelen. Het is even iets heel anders dan de meeste overige onderwerpen in het magazine. Het is ook een bouwvorm waar veel toekomst in zit. Dat zien zij ook. Bouwbedrijven kampen steeds meer met gebrek aan capaciteit en beperkte ruimte. Tegen hen zou ik willen zeggen: ‘durf ook klein te denken!’’, aldus de bloggende bouwkundige, die in het begin vooral over buitenlandse initiatieven schrijft. ,,Het waren vooral concepten uit Australië en de VS, maar tegenwoordig is er ook heel veel in Nederland te vinden. Ook hele spectaculaire bouwvormen. Ik ben echt fan van Hermit House van Daniel Venneman. Dat concept is echt out of the box bedacht. Je kunt met een app je hele huis vorm geven en omdat ze met een harmonica-vorm werken is het meteen heel stijf. Je kunt het allemaal door hun laten zagen, maar je kunt het ook zelf doen. Het is echt een systeem dat super vernieuwend is.’’

Dagelijks speurt Marcel het internet af naar nieuwe initiatieven en krijgt veel input van anderen. ,,Ik heb inmiddels een groot netwerk opgebouwd als het gaat om compact wonen. Ik stuur ook dingen door naar mensen in andere delen van de wereld en daar krijg ik ook weer informatie van. En natuurlijk vraag ik veel mensen om mij te tippen als ze iets horen of weten. De aanvoer is groot’’, aldus Marcel, die het liefst over nieuwe systemen en technische vernieuwingen schrijft. ,,Het allermooiste is dat het klein is, maar ook een concept. Dat een bewoner kan krijgen wat hij wil, maar dat er ook een systeem is in het produceren, zodat niet iedere keer alles berekend hoeft te worden. Dan blijft het ook betaalbaar.’’

Naast het Hermit House vindt de bloggende bouwexpert ook het open source-project WikiHouse  een prachtig stukje innovatie. ,,Het mooie is dat iedereen erbij kan en mee kan helpen ontwikkelen. Het produceren gaat terug naar de bewoner. WikiHouse is een soort Lego-methode. Je kunt het zonder spijkers en schroeven in elkaar zetten. Hetzelfde geldt voor Fri:dom. Ontwerper Bernard Hörl is tiny house-pionier van het eerste uur en heeft een bouwpakket ontwikkeld om anderen te helpen. Hij is van mening dat je een andere relatie met je huis hebt als je het zelf bouwt. Het lijkt wat meer op Meccano. Je kunt het in elkaar zetten en dan zelf afwerken. Hij is ook de eerste die een uitklapbaar dak heeft verwerkt in een tiny house. In de meeste tiny houses is er een slaapverdieping met weinig ruimte in de hoogte, omdat een huis op wielen onder viaducten door moet kunnen. Hörl zegt dat een tiny house voor 99% gewoon ergens staat, dus heeft hij een dak ontworpen dat je kunt open klappen als het op locatie staat. Dat vind ik echter meer een slimme vondst, het gaat mij vooral om het innovatieve karakter en de mogelijkheid tot zelfbouw.’’

Inmiddels heeft Marcel al meer dan vijftig verhalen over kleine gebouwtjes op zijn naam voor BouwTotaal. De eerste twintig verschijnen eind 2015 in boekvorm onder de titel Slim Ruimtegebruik. ,,Ik probeer de bouwvormen een beetje uit te diepen, maar niet al te kritisch. Ik belicht vooral de leuke en sterke punten, zowel praktisch als bouwkundig. Ook om mensen in de bouwsector te prikkelen’’, aldus de 56-jarige schrijver, die zijn verhalen in het boek ook voorziet van zelf getekende illustraties. ,,Tekenen is een grote hobby van mij. De liefde voor het tekenen heb ik ontwikkeld tijdens mijn architectuurstudie in de jaren tachtig en in 2011 weer opgepakt. Ik teken graag natuur, dieren en water, maar ik maak ook illustraties in aquarel van de gebouwtjes waarover ik schrijf.’’ In zijn boek ‘Slim Ruimtegebruik’ zijn alle verhalen geïllustreerd met een tekening van eigen hand en ook in zijn tweede boek, dat deze maand is verschenen, tekent Marcel er op los. ,,Ik ben nu ook al bezig met een derde boek. Daarvoor teken ik alleen in inkt. Dan krijg je meer het idee van een bouwtekening.’’

Zijn nieuwe boek Slim Ruimtegebruik 2 is wederom een bundeling van verhalen uit BouwTotaal. Het is ditmaal geen gedrukt exemplaar, maar een e-boek met veel interactie. ,,Het zijn weer twintig verhalen over kleine gebouwtjes, maar omdat het digitaal is biedt het meer beleving. Ik vond het verrassend dat een groot deel van de bouwers leuke time laps-beelden en video’s heeft van het hele bouwproces. Dat is ook leuk voor de doelgroep, want die is meestal heel praktisch ingesteld en wil weten ‘hoe doe ik dat?’. Dat kunnen we nu laten zien in het nieuwe boek. En daarnaast ben ik flink in de weer geweest met allerlei andere linkjes om het boek interactiever te krijgen.’’, aldus Marcel, die ondanks zijn grote passie voor klein wonen zichzelf niet zo snel in een mini-woning ziet trekken. ,,Daar ben ik eerlijk in. Ik heb enorm veel affiniteit met klein wonen, maar ik ben er zelf niet geschikt voor. Ik heb een te groot lijf en een te onhandige motoriek voor een klein gebouwtje. Ik sloop teveel! Ik kan het weten, want ik ben een fanatiek zeiler en dus bekend met een kleine leefruimte. Voor even is dat oké, maar thuis voel ik mij prettiger met iets meer ruimte’’, lacht hij.

Lees het volledige artikel in Klein Wonen Magazine editie 1