Elke Rabé focust zich op voedsel uit de natuur

Elke Rabé geniet dagelijks van haar buitenleven rond haar tiny house. Nu de rust is teruggekeerd in de polder, is er weer ruimte om nieuwe activiteiten te ondernemen en nieuwe dingen te leren die goed bij haar leven passen. En zoals zo vaak komen er dan opeens heel veel lijntjes bij haar samen. Of misschien verbindt zij ze onbewust zelf! Zoals op het gebied van voedsel uit de natuur.

Iedereen kan immers om zijn eigen manier een steentje bijdragen

Ik ben opgeleid tot ingenieur duurzame energie technologie (Sustainable Energy Technology aan de TU/e), maar na een paar jaar andere werkzaamheden te hebben verricht, leek het me leuk om ook iets praktisch duurzaam in de wereld te zetten. Dat leidde tot de bouw van mijn eerste tiny house en zoals trouwe lezers van het Klein Wonen Magazine weten kwam daar onverwacht nog een tweede project achteraan. Hierdoor ben ik inmiddels al jaren in de tiny house-wereld aan het werk. In de tussentijd ben ik in mijn gemeente ook werkzaam voor een stichting die duurzaamheid stimuleert vanuit de bevolking en dat werk verbreedt zich nu van duurzame veranderingen aan woningen naar circulariteit op meerdere vlakken, waaronder voedsel. Ook dit keer zou ik een praktische inslag prefereren, maar ik heb niet echt groene vingers. Daarom zoek ik naar een manier waarop ik toch kan bijdragen door mijn eigen talenten in te zetten. Iedereen kan immers om zijn eigen manier een steentje bijdragen.

Voedsel coöperaties

Veel tiny house-bewoners kiezen voor een moestuin en verbouwen hun eigen groenten. Ik bewonder dat, maar kan er zelf nog niet in slagen om een luchtplantje in leven te houden, dus zoek ik naar andere opties.

In het kader van een nieuwe uitdaging liep ik dit jaar de alternatieve vierdaagse. De gewone Nijmeegse vierdaagse heb ik eigenlijk altijd wel willen lopen, maar zou ik, als ik eerlijk ben, waarschijnlijk veel te massaal vinden en ik weet niet eens zeker of 40 kilometer per dag haalbaar zou kunnen zijn, hoe goed ik ook zou trainen. Dankzij corona ontstond er dit jaar ineens een kans voor mij en vele anderen. De vierdaagse werd omgedoopt tot de alternatieve vierdaagse. Iedereen kon vanuit zijn eigen huis meedoen, het aantal kilometer was drastisch verlaagd tot minimaal 10 kilometer per dag en iedereen mocht zelf zijn routes kiezen. Hoera, precies wat ik het mooiste vind! Lekker in de rust door onze prachtige polder, bossen, zandverstuivingen en heiden struinen en er zelf een mooi rondje bij bedenken. Ik besloot dat dit niet alleen voor mij een feestje zou zijn, maar ook voor een goed doel. Een doel dat ook past bij waar ik zelf mee bezig ben en bij hoe ik nu leef.

Herenboeren produceren lokaal voedsel voor zo’n 200 huishoudens

Ik zag de Tegenlicht-documentaire Plattelandspioniers over Herenboeren. Dit zijn pioniers die proberen de ketens in de voedselindustrie veel korter te maken dan ze nu zijn. Zo kort mogelijk zelfs. Met omwonenden kopen of huren ze een stuk land, nemen hun eigen boer in dienst en produceren zo lokaal voor ongeveer 200 huishoudens voedsel. Als je de documentaire kijkt bekruipt je het gevoel: hoe kan het dat iets wat zó logisch is niet standaard is en vanzelf gaat? Waarom maken we die ketens zo lang, stoppen we zoveel energie in het van hot naar her rijden met voedsel, fabrieksmatig verwerken en inpakken om het vervolgens opnieuw half Nederland door te transporteren om het in een stuk plastic in het schap te laten eindigen? Waarom produceren we die groenten niet gewoon hier om de hoek, iets wat vroeger natuurlijk de normaalste zaak van de wereld was. Hoe hebben we dat omslachtige systeem ooit verzonnen en hoe komt het dat we dat normaal zijn gaan vinden? Waarom kost het deze landbouwpioniers zoveel moeite om hun ideaal te verwezenlijken? Het pionieren herken ik natuurlijk uit de eerste tiny house-jaren en ook ik heb ervaren dat pionieren niet vanzelf gaat. Bovendien past het goed bij dit natuurlijker leven, de richting waarin ik me verder wil ontwikkelen en waar ik graag voor wil staan. Om die redenen leek me dit een prachtig doel voor de alternatieve vierdaagse.

Overigens zijn er veel meer initiatieven als je een beetje onderzoek doet

Hier wat voorbeelden op een rij (klik op de naam om de website te bezoeken) allemaal met weer net een iets andere opzet:
Herenboeren en daarbij de Herenkeuken voor kookinspiratie
Land in zicht
Boerenburen
Nudge

Het verschil tussen Herenboeren en een CSA (community-supported agriculture ofwel gemeenschapslandbouw) is, volgens Wikipedia, het feit dat je mede-eigenaar bent van de onderneming. Een CSA is een vorm van samenwerking tussen burgers en lokale landbouwers. Burgers betalen jaarlijks een bijdrage om de productiekosten van het landbouwbedrijf te kunnen dekken. In ruil krijgen ze een deel van de opbrengst. Bij de Herenboeren gaan ze dus een stapje verder, met 200 gezinnen koop je een stuk land en neem je je eigen boer in dienst. Eventuele risico’s van een slechte oogst of iets dergelijks deel je dus ook samen. Daar staat tegenover dat je ook inspraak hebt op de manier van handelen.

Ook als je niet wekelijks aan iets vast wil zitten zijn er leuke initiatieven, zoals Fietsen voor mijn eten. Hier vind je kleine kraampjes en (land)winkels waar je lokaal geproduceerd voedsel kan kopen.

Kijktips:
Plattelandspioniers.
The biggest little farm.


Foto: ©VPRO

Wildplukken

Naast eerder genoemde werkzaamheden werk ik sinds ik hier woon voor een lokaal museum om de hoek. Naast de activiteiten voor het museum worden er regelmatig andere evenementen georganiseerd, waaronder diverse natuuractiviteiten voor kinderen. Zo kwam ik in aanraking met het Instituut voor Natuureducatie en Duurzaamheid (IVN). IVN organiseert diverse activiteiten in de natuur en omdat ik vooral voor de werkgroep Kinderen en Natuur werk, sta ik weer regelmatig met laarzen naast een sloot waterbeestjes te vangen en determineren, slangen te zoeken, vleermuizen te spotten en ga zo maar door. Ook hier verandert mijn eigen focus richting voedsel. Ik heb er zelfs een nieuwe aanschaf voor gedaan: de Compacte Gids, een 12-delige serie van handzame waterbestendige gidsjes voor op zak. De gidsen Bloemen en Kruiden gaan regelmatig mee in het zijvak van mijn rugzak en heel langzaam vijzel ik mijn kennis op van eetbare en juist niet-eetbare kruiden.

(Kijk)tips
YouTube staat vol met filmpjes over wildplukken. Zoek op wildplukken, eetbare planten, wilde planten, Google levert ook veel op.
Salt, “compactgids” kruiden.

Voedselbossen of bostuinen

Er ontstaan in Nederland ook steeds meer voedselbossen. Vaak leveren die producten voor culinaire restaurants in de buurt. De activiteiten van onze afdeling bij IVN maakt vaak gebruik van het voedselbos om mensen te leren over de natuur. Het voedselbos waar wij komen staat proeven toe, maar meenemen in principe niet. Toch is het erg leuk om eens in een voedselbos te gaan kijken en proeven. Het is net als in de wilde natuur uiteraard wel oppassen: niet alles is zomaar eetbaar! Wil je een stapje verder gaan? Je kan ook met een groepje een nieuw voedselbos realiseren of misschien een IVN Tiny Forest. Genoeg ideeën dus om meer te leren over de natuur en waar ons voedsel vandaan komt.

Links
Lekker Landgoed, een voorbeeld van een voedselbos.
Tiny Forest Een dichtbegroeid, inheems bos ter grootte van een tennisbaan.
En weer een heel andere kijktip, maar ook geweldig inspirerend: Down to earth.

Foto’s: ©Elke Rabé


Elke Rabe
Onder het motto MY Tiny HomE – Live Simply (MYTHELS) bouwt Elke in 2017 haar eigen huisje. Nu is MYTHELS 2 er en woont zij heerlijk in het groen. Voor Klein Wonen Magazine belicht zij iedere editie op haar eigen wijze het fenomeen klein wonen.