Klein, kleiner, kleinst

Je wilt kleiner gaan wonen, maar waar ligt de grens? Vind je 40 m2 klein of zou 25 m2 ook nog wel kunnen. Of misschien nog kleiner? Richard Horden, Paul Elkins en Van Bo Le-Mentzel bouwden superkleine woninkjes. Hoe dan?

Micro Compact Home (MCH) van Richard Horden is een leefruimte van 7 m2 waarin je kan slapen, werken, eten en koken, inclusief sanitair en zonnepanelen. Richard laat zich inspireren door de Japanse theehuisarchitectuur en het gebruik van geavanceerde Europese en Japanse prefabricage methoden. Hij maakt graag de vergelijking met de automobielindustrie: ‘De duurzaamheid is net als een auto, de levensduur is afhankelijk van de zorg tijdens het gebruik. Je moet MCH gewoon schoonmaken en onderhouden. Net als een auto was je je huis met een zachte borstel met water en zeep en de ramen met een wisser.’ Het huisje blinkt vooral uit door de slimme interieuroplossingen.

Paul Elkins bouwt kleiner. De uitvinder fietst graag en ver. Hij geniet daarbij volop van z’n mobiele, luxe, maar vooral ultralichtgewicht fietscamper. Als je met eigen spierkracht je huisje moet voortbewegen, ga je vanzelf nadenken over het gewicht. Paul gebruikt alleen maar dunne lichtgewicht materialen. Bij voorkeur scharrelt hij zijn projecten bij elkaar met gebruikt spul. Het vloertje is bijvoorbeeld gemaakt van oude campagneborden, die je vaak op beurzen vindt. Net als bij een Tiny House op wielen moet hij wel rekening houden met het verdelen van het gewicht over de assen om de combinatie fietsbaar te houden. Het huisje weegt nog geen 20 kilo en kost zo’n 130 euro. Dat is precies wat Paul wil, fluitend op de fiets naar het festival van Burning Man in de woestijn van Nevada. En daar overnachten in zijn eigen huisje. Een unieke fietswoning, lijkt me zo, maar misschien voor permanente bewoning wel erg klein.

Het kan nog kleiner. Het kleinste huisje dat ik ken, is het 1 m2 huis van Van Bo Le-Mentzel, interieur ontwerper in Berlijn. ‘Het idee is ontwikkeld voor mensen die geloven dat we een betere wereld krijgen als we meer zelf bouwen en minder kopen’, aldus Van Bo, die uit Laos komt. Hij kwam naar Duitsland als vluchteling en werd geconfronteerd met een van de meest voorkomende problemen van migranten: het vinden van een huis. ‘Vaste roots heb ik niet. Daarom moest ik een nieuwe definitie voor mezelf ontwikkelen van het begrip ‘thuis.’ De ontwerper is een vrije denker. Zijn huisje staat niet alleen op wieltjes, zodat je letterlijk overal kan wonen, maar kan ook worden neergelegd om een slaapplaats te creëren. Van Bo wil  inspireren en mensen aan het denken zetten met zijn 1 m2-paleisje. Ik denk dat er nog wel een uitdaging ligt om aansluiting te vinden bij het Bouwbesluit.

Hoe klein je kan gaan, ligt helemaal aan jezelf. Wat ben je gewend? Wat vind je acceptabel? Waar voel je je goed bij?  Richard, Paul en Van Bo laten zien dat er veel kan.

Marcel van Mierlo is bouwkundig ingenieur met een passie voor kleine gebouwen. Overigens ook dol op zeilen, zijn bijenvolk en tekenen. Hij blogt regelmatig over huisjes, kantoortjes, praktijkruimtes, mantelzorgwoningen en gastenverblijven, die je zo in je achtertuin zou kunnen zetten. Zijn blogpagina heet dan ook Leven in Tuinen. Tevens schrijver van de boeken Slim Ruimtegebruik 1 & 2 met tal van kleine en duurzame gebouwtjes. Uiteraard ook met eigen illustraties!

Lees het volledige artikel in Klein Wonen Magazine editie 1