Schroeffundering ideaal voor tiny houses

Een goede fundering is ook voor je tiny house natuurlijk van groot belang. Ook als je maar enkele jaren op je plekje mag blijven staan, want je wilt natuurlijk niet dat na een jaar de piepers van je aanrecht rollen. Beton storten of heien is de traditionele funderingstechniek, maar niet bepaald duurzaam. Een schroeffundering brengt minimale schade aan de bodem toe, gaat een leven lang mee, is in een dag aangelegd, direct bebouwbaar en kun je later gewoon weer meenemen naar een nieuw stekje. Het lijkt de ideale fundering voor tiny houses.

Schroeffundering is over het algemeen goedkoper dan een traditionele fundering

Schroeffundering zie je al jaren in de tuinwereld voor parasols, vlaggenmasten, houten terrassen en tuinhuisjes, maar tegenwoordig worden schroefpalen ook steeds vaker gebruikt voor zonnepanelen, overkappingen, aan- en uitbouwen, loodsen en complete woningen. Dus ook voor tiny houses, mantelzorgwoningen, modulaire woningen en containerwoningen. Net als bij spijkeren of schroeven in hout geldt dat schroeven in de bodem een steviger fundament oplevert dan het heien van palen. Ook is schroeffundering over het algemeen goedkoper dan een traditionele fundering en een stuk sneller gerealiseerd, maar vooral het duurzame karakter zorgt voor de enorme vlucht van de schroeffundering. Zo laat ProRail haar spoorwegen voor het merendeel door schroefpalen ondersteunen, omdat na eigen onderzoek bleek dat dit tot 66% duurzamer is dan een betonfundering.

je brengt geen schade toe aan de natuurlijke omgeving

Sven van Meeteren van Snelfunderen beaamt deze trend. ,,Het is een efficiënte, snelle en flexibele manier van funderen. Tegenwoordig wordt het belang van circulair bouwen steeds vaker onderschreven. De samenleving eist in toenemende mate dat bouwconstructies minder vervuilend zijn voor het milieu. Het merendeel van de paalfunderingssystemen is gebaseerd op beton, dat een hoge milieubelasting heeft door bijvoorbeeld de relatief hoge CO2-uitstoot bij de productie en de downcycling na de levenscyclus.’’ Daar waar beton wordt gerecycled als wegfundatie of als betongranulaat voor nieuw beton, is schroeffundering volledig herbruikbaar voor hetzelfde doel.

Daarnaast verdringen schroefpalen de grond niet, waardoor de grondstructuur in tact blijft. En dat is nog niet alles op gebied van duurzaamheid, merkt Sven op. ,,Een schroeffundering wordt tevens trillingvrij aangebracht, zonder graven en zonder beton. Hierdoor breng je geen schade toe aan de natuurlijke omgeving. En het is dus even gemakkelijk weer te verwijderen. Ook de logistieke belasting van een schroeffundering is zeer beperkt. Een gemiddelde fundering voor een kleine woning kan in een personenauto worden vervoerd.’’

Nederland is een land met een grote diversiteit aan type grondsoorten

Een schroeffundering bestaat uit een aantal schroefpalen, die er uitzien als enorme houtschroeven, waarop het frame van je tiny house kan worden geplaatst. Deze kunnen handmatig of met elektrische, pneumatische of hydraulische machines de bodem in worden gedraaid. Dit vereist wel de nodige precisie, want alle schroefpalen moeten loodrecht de grond in om je huisje goed waterpas te laten staan en een gelijkmatige zetting te realiseren. Ook is de lengte van de schroefpalen van groot belang. Die moeten eigenlijk lekker vast staan in een stabiele vaste bodemlaag.

In het zuiden van Nederland kan meestal gewerkt worden met schroefpalen uit een stuk, maar in de waterrijke gebieden rond en onder zeeniveau in het noorden, midden en westen van Nederland en Vlaanderen zullen vaak verlengde schroefpalen moeten worden ingezet. Hiermee kunnen zelfs vaste bodemlagen op een diepte van meer dan 15 meter worden bereikt. ,,Nederland staat bekend als een land met een grote diversiteit aan type grondsoorten. Afhankelijk van paalbelastingen, bodemprofiel en paaltype en –dimensionering kan het juiste paalpuntniveau worden bepaald’’, aldus Sven. ,,Dit illustreert wel dat het maatwerk is.’’ Uiteraard hangt aan langere schroefpalen ook een forser prijskaartje. Daarom kan er bij sommige grondsoorten ook gekozen worden voor montage in alleen de toplaag als je bij voorbaat al weet dat je niet heel lang met je huisje op deze plek mag blijven staan”.

Het is een secuur klusje

Wie graag zelf zijn huisje bouwt kan het funderen ook zelf doen volgens verschillende schroefpaalaanbieders. Handgereedschap en machines voor het schroeven van de palen zijn te koop en te huur, maar de doe-het-zelver dient wel over een behoorlijke klusvaardigheid te beschikken. Er zijn nogal wat valkuilen. Vooral de keuze voor het type schroeffundament en de dikte van de zwakke bodemlaag moet zorgvuldig worden onderzocht. En ook het loodrecht plaatsen van de palen en het creëren van een juist draagvermogen is een secuur klusje. Het is dan ook raadzaam om je als doe-het-zelver vooraf goed te laten informeren over welke schroeffundamenten geschikt zijn voor de beoogde toepassing en bijbehorende bodemgesteldheid. Ook zijn er bedrijven waarmee je als doe-het-zelver de montage gezamenlijk kunt doen.

Tricky voor de doe-het-zelver zijn ook de berekeningen om de juiste belastbaarheid van je tiny house te bepalen. ,,Deze berekeningen zijn complex en van vele factoren afhankelijk en onmogelijk uit te voeren door een doe-het-zelver’’, stelt Sven. ,,Op basis van reeds uitgevoerde belastingtests met schroeffundamenten in half vaste leemgrond zijn er door de tijd belastingtabellen opgesteld. Deze dienen enkel als richtlijn of grove indicatie en kunnen de doe-het-zelver een veilige keuze laten maken voor eenvoudige toepassingen. Voor woningen adviseren we een professional te raadplegen. Die kan met de statische berekening van de bouwconstructie en een sonderingsrapport van de exacte montagelocatie een draagkrachtberekening aanleveren voor de te plaatsen schroeffundamenten. Deze technische onderbouwing kan dan worden ingediend bij de gemeente of een ingenieursbureau.’’

Foto’s: ©Snelfunderen

De volledige special over schroeffundering is te lezen vanaf pagina 56 en diverse aanbieders van schroefpalen zijn te vinden op pagina 63 in editie 9 van Klein Wonen Magazine.