Slapen in het kleinste huisje

Sinds begin januari ben ik samen met mijn goede vriend Bob onderweg van Nederland naar India. Al fietsend leggen we 12.000 kilometer af. Het grote doel van deze reis is om onszelf uit te dagen iets te doen dat groter is dan onszelf. Voor ons een manier om meer over onszelf te leren en onszelf uit te dagen. Gedurende deze reis slapen we in een tent. Oftewel, het kleinste huis ooit.

Op 13 januari vertrokken we vanaf het Statenplein in Dordrecht. Onze bagage bestaat uit de fietsen en slechts wat kleding, een tent, een matje met slaapzak en een camera om de reis mee te documenteren. Onze gedachte was vooral dat hoe minder we mee zouden nemen, hoe gemakkelijker onze fiets vooruit zou komen. Teveel bagage was dan ook geen optie voor ons.

De eerste nachten in onze trekkerstent waren nog relatief comfortabel. De temperatuur ’s nachts was rond de 5 graden en daarmee relatief aangenaam. Maar naarmate we verder Duitsland in fietsten kwamen we terecht in meer duistere nachten. De temperatuur zakte naar beneden nul graden. Ik herinner me dat we een nacht zelfs met -6 buiten hebben geslapen. Het was dus vooral zoeken naar manieren om onszelf warm te houden in de tent. Waxinelichtjes bleken inefficiënt en gevaarlijk en met onze winterjas en handschoenen aan de mummie slaapzak in werkte niet meer.

Door de dagen heen leerden we de skills van het slapen in een tent in midden winter. Even een sprintje trekken voor het slapen gaan en volledig naakt de slaapzak in was de beste manier voor het vasthouden van warmte. Als de ergste kou dan in de vroegste ochtend doorkwam, waren er maar 2 opties. Of opstaan en inpakken of even snel wat push ups doen om het lichaam warm te maken en verder te slapen. Wat ik zelf het mooiste vind van deze koude nachten is dat ze me hebben doen inzien waar het lichaam allemaal toe in staat is. Zulke kou, daar kun je zelfs als mens aan wennen.

Vervolgens stond er een sportieve uitdaging op ons te wachten, het fietsen door de Alpen. Beiden zijn we geen fanatieke sporters en zomaar 1300 meter omhoog fietsen op een dag, dat is nogal wat. Vol goede moed begonnen we die dagen, maar vanaf een bepaalde hoogte riepen onze benen ons terug. We moesten het laatste stuk omhoog dan ook lopen. Maar daar bleef het voor ons niet bij. Het pad wat we probeerden te volgen was volledig bezaaid met sneeuw en daardoor moesten we een flink stuk omfietsen. De zon ging inmiddels onder en de temperatuur in de Alpen daalde naar ver onder het vriespunt. Over een gladde besneeuwde weg hebben we met trillende handen en bevroren voeten snel genoeg gefietst om onszelf nog enigszins warm te krijgen. Stoppen was geen optie vanwege de vrieskou, dus moesten we door. Eenmaal aangekomen bij ons verblijf rond middennacht, kwamen we erachter dat Bob zijn baard was bevroren, deze zat letterlijk vol met ijs! Desondanks kijken we op de Alpen terug als een bijzonder avontuur. Hoewel we soms wel doodsangsten uit konden staan, beseffen we ons ook hoe waardevol het is om te weten wat je als mens allemaal aan kan.

Het fietsen van Nederland naar India heeft voor ons dan ook een wat bredere definitie gekregen. We proberen steeds het discomfort op te zoeken. Iets wat we in Nederland eigenlijk gewoon te weinig doen. Bij het geringste stukje discomfort proberen we dit vaak al te herstellen. Terwijl je juist op die momenten, dat het comfort volledig wegvalt, leert over jezelf.

Mick van Zadelhoff wil zijn creativiteit en levenslust niet laten beperken door systemen. Hij trok de wijde wereld in met zijn camperbusje, maar nadat deze het begaf reist hij nu samen met goede vriend Bob op de fiets, met rugzak en laptop verder. De 23-jarige werkt waar internet is en geniet van zijn leven als moderne nomade. Zijn ervaringen, inzichten en kennis deelt hij via zijn website De Moderne Nomaden. Daarnaast geeft hij trainingen aan digitale nomaden in spé. Voor Klein Wonen Magazine verhaalt hij over zijn leven en heeft hij op zijn reizen speciale aandacht voor klein wonen.

Het artikel is ook te lezen in Klein Wonen Magazine editie 4